BEHANDEL-CENTRUM >>> GEZONDHEID
<<< Site overzicht : klik op het logo

 

 

 

GEZONDHEID (EN ZIEKTE), WAT IS DAT EIGENLIJK?

Het holistische mensbeeld dat in de complementaire geneeskunde gebruikt wordt, vormt al met al een geweldig complex geheel. Vooral als we ons niet tot de mens op zich beperken, maar tevens rekening houden met zijn omgeving en zijn afkomst of erfelijkheid, Deze holistische kijk op mensen heeft verstrekkende gevolgen voor de manier waarop mensen in de complementaire geneeskunde behandeld worden. Er vloeit immers ook een heel ander beeld van ziekte en gezondheid uit voort.

Het is opvallend dat de Wereldgezondheidsraad, een organisatie waarin medici uit de hele wereld verenigd zijn, vele jaren geleden al een heel mooie, holistische, definitie van gezondheid heeft gegeven. 'Gezondheid is, volgens de artsen van deze organisatie, een zich volledig welbevinden op lichamelijk, geestelijk en maatschappelijk gebied.'

Het is leuk dat de leden van deze overkoepelende gezondheidsorganisatie gezamenlijk een heldere flits van inspiratie kregen, maar het is jammer dat het daarbij gebleven is. In de praktijk wordt er niet met deze definitie gewerkt. Ze zweeft als een onbereikbaar, onwezenlijk ideaal bijna, boven de geneeskundigen van deze tijd. En dat is jammer, want er zitten twee mooie kanten aan deze definitie.

Ten eerste het woordje welbevinden. Dat geeft aan dat het bij gezondheid om iets gaat dat heel persoonlijk ervaren wordt. Wat gezond is voor iemand wordt niet door anderen uitgemaakt, maar bepaalt die persoon zelf. Men (be)vindt zichzelf 'wel' of men (be)vindt zichzelf niet 'wel'. Wat ik gezond vind, hoeft dat niet te zijn voor een ander, en wat een ander gezond vindt, hoeft nog niet gezond te zijn voor mij. Dat komt omdat ieder individu iets anders voor heeft met zijn leven. Als bijvoorbeeld iemands reukvermogen sterk achteruitgegaan is, hoeft dat helemaal geen probleem te zijn. Een taxichauffeur, een programmeur en een politicus zullen dat waarschijnlijk niet als een grote aanslag op hun gezondheid zien. Maar een kok, die bij het proeven voor een groot deel op zijn neus en zijn reukvermogen is aangewezen, zal zich werkelijk gehandicapt voelen. Deze, voor anderen onbelangrijke, klacht belemmert hem in zijn werk en maakt datgene waarvoor hij gekozen heeft, waar hij zich met hart en ziel aan wijdt en waar hij al zijn creativiteit en energie in kwijt kan, onmogelijk.

Het tweede opmerkelijke in de definitie van de Wereldgezondheidsraad heeft hier mee te maken. Er is in die definitie namelijk niet alleen sprake van een lichamelijk welbevinden, maar ook van een zich geestelijk en maatschappelijk welbevinden. Geestelijk welbevinden betekent letterlijk dat men op een gezonde manier in staat is zijn verstand en bewustzijn te gebruiken. Daarnaast betekent het hier ongetwijfeld ook een psychisch welbevinden, wat betekent dat men op een gezonde manier met emoties en dergelijke kan omgaan.
Maatschappelijk welbevinden betekent dat men zich 'wel' bevindt, zich goed voelt in de maatschappij. Dat men in staat is een omgeving te scheppen waarin men zich thuis voelt en waarin men zich kan ontwikkelen. Dat de maatschappij tot een voedingsbodem wordt waarin men kan gedijen.

Hoewel de definitie van de Wereldgezondheidsraad al vele tientallen jaren oud is, denken de meeste mensen bij het woord gezondheid nog steeds aan hun lichamelijke gezondheid. Lichamelijke ziekten zijn in feite ook de enige ziekten die maatschappelijk aanvaard zijn. Men mag rustig veertien dagen met griep van het werk thuisblijven, maar een dagje thuisblijven omdat men zich geestelijk of psychisch niet zo geweldig voelt, wordt al gauw raar of slap gevonden. Dat is eigenlijk vreemd, want het zijn immers juist ons bewustzijn en, in mindere mate, onze psyche die ons op deze aarde uniek maken. Het zijn twee kanten van een mens die in wezen veel belangrijker zijn dan de lichamelijke kant.

Men wordt zich dat bewust als men het leven van een lichamelijk gehandicapt iemand vergelijkt met dat van iemand die geestelijk gehandicapt is. Iemand die blind is of in een rolstoel zit, kan zich normaal gesproken heel goed als mens manifesteren: hij of zij kan denken, beslissingen nemen, creatief zijn, enzovoort. Jongens en meisjes daarentegen die zwaar geestelijk gehandicapt zijn, of bejaarden die erg dement zijn, kunnen dat veel minder. Soms heeft de geest zelfs zo weinig vat op de psyche (wat bijvoorbeeld leidt tot hysterisch of schaamteloos gedrag) of zo weinig controle over het lichaam (wat bijvoorbeeld leidt tot het laten lopen van urine) dat we van een mensonwaardige situatie spreken. Let wel, het gaat hier niet om een waarde-oordeel. Een demente bejaarde is niet beter of slechter dan zijn geestelijk en psychisch gezonde medemens. Hij mist alleen een aantal vaardigheden op specifiek menselijk terrein (denken, beslissingen nemen). Maar dat is niet goed of slecht, dat is gewoon zo. Ook over de zinvolheid of over de zinloosheid ervan kunnen wij niet oordelen. Wie durft te zeggen dat het leven van een debiel kindje zinloos is? We zien dan misschien weinig ontwikkeling en vooruitgang, maar dat komt waarschijnlijk omdat we in het algemeen zo weinig zien. Ons begrip van zinvolheid is nogal beperkt. We noemen in het algemeen alleen die dingen zinvol waar we direct beter van worden en waar we praktisch nut van hebben.

Zonder daar dus verder een waarde-oordeel over uit te spreken, kunnen we de gezondheid van mensen wel onderling vergelijken en ook de schommelingen van de gezondheid binnen een individu. Daarbij kunnen we de volgende definitie gebruiken, die voortborduurt op die van de Wereldgezondheidsraad.

 

DEFINITIE VAN GEZONDHEID

Gezondheid is het vermogen om op een creatieve (= scheppende) manier talenten te ontwikkelen; naarmate men daarin meer belemmerd wordt door geestelijke, psychische of lichamelijke oorzaken, is men minder gezond, dus zieker.

Over het praktische nut van deze definitie zal ik het verderop in deze website nog hebben.

 

«» Start « » Behandel-centrum « » Sauna-centrum « » Zonne-centrum «»