BEHANDEL-CENTRUM >>> BIJENSTEEK-THERAPIE (API-THERAPIE)
<<< Site overzicht : klik op het logo

 


1/ WAT IS API-THERAPIE?

Het therapeutisch gebruik van bijenproducten wordt api-therapie genoemd, naar de naam Apis van honingbij.

Zo is er een breed scala aan bijenproducten, die elk specifieke medische toepassingen hebben en reeds lang met succes worden toegepast: propolis, bijenpollen, honing, koninginnebrei, bijengif (apis venenum), ... .

 

2/ WAT IS BIJENSTEEK-THERAPIE?

Het behandelen van mensen met bijensteken, dus met bijengif, wordt bijensteek- of bijengif-therapie genoemd.

Vrouwtjesbijen, namelijk de werkbijen en de koningin, hebben aan het eind van hun achterlijf een angel die naar buiten gestoken kan worden. Dit is eigenlijk een legboor, waarmee gewoonlijk alleen de koningin eitjes legt, maar waarmee zij ook kunnen steken. Aan de uitgestoken angel hangt een druppeltje vloeistof, het bijengif. Dit wordt in de gifklier gemaakt en in een gifzakje aan de basis van de angel opgeslagen. Bij het steken wordt het vloeibare bijengif door de angel gepompt en geinjecteerd in het slachtoffer. Dit kan een vreemde bij zijn, een wesp, een hagedis of slang, of een zoogdier. De bij heeft dus de angel nodig om haar volk, en om zichzelf tegen vijanden te beschermen. In de huid van een mens blijft de angel steken door de weerhaakjes die eraan zitten. De angel blijft dan gif doorpompen.

Men heeft ontdekt dat de gifproductie ten nauwste verbonden is met het voorhanden zijn van pollen in de bijenvoeding. Bijengif is een afbraakproduct van polleneiwit.

Niet iedere bij heeft een giftige angel: jonge bijen hebben nog geen gif en oude bijen nog maar weinig. De voorjaarsbijen die met veel stuifmeel opgegroeid zijn, hebben het meeste en ook het beste gif.

Bijen die zijn opgegroeid zonder pollen hebben geen giftige angels.

Pas tussen de 15de en de 20ste dag wordt het gif in de gifklier gevormd en in de gifblaas opgeslagen. Het druppeltje gif van een bij weegt 0,1 - 0,35 milligram. Als het opdroogt, blijft er circa 0,1 milligram droog gif over.

 

3/ SAMENSTELLING VAN BIJENGIF

Er zijn veel vliegende insecten die een giftige beet hebben, maar omdat de honingbij door mensen gehouden wordt en makkelijk te kweken is, wordt het gif van de honingbij het meest gebruikt voor behandeling van aandoeningen bij mensen.

Bijengif is erg complex van chemische samenstelling. In essentie is het opgebouwd uit proteïnen (50%), en tot op heden nog niet helemaal onderzocht. De samenstelling is afhankelijk van 4 factoren: de nectar (die de bij verzamelt), het stuifmeel (de pollen waarmee de bij zich voedt) en de leeftijd van de bij alsmede de soort.

Mellitine, een haemolytisch peptide, is een bestanddeel dat voor 40 tot 50% het drooggewicht van het bijengif representeert. Het Moleculaire Gewicht (MG) van dit bestanddeel is 2.840 en veroorzaakt voor het grootste deel de pijn en de shock (toestand). Het veroorzaakt een reinigingseffect, dat direct zou kunnen resulteren in een geleidelijke afname van de rode cellen en het intensiveert het effect van het Fosfolipase A2, een van de andere actieve bestanddelen in bijengif. Het Mellitine zelf is licht allergeen en veroorzaakt een lichte toename van de soortelijke IgE-antilichamen verhouding in 25 tot 50% van de allergische gevallen.
Samengevat: Mellitine veroorzaakt pijn en jeuk, heeft sterke bacteriëndodende en cytotoxische eigenschappen, veroorzaakt ontstekingsverschijnselen (zwelling, jeuk, warmte en roodheid) door het vrijkomen van Histamine, stimuleert de hypofyse om ACTH te produceren dat de adrenaline-klieren stimuleert om cortison te produceren, wat een onderdeel is van de lichaamseigen genezingsreactie, is 100 keer krachtiger als ontstekingsremmend middel dan hydrocortison, zoals getest op ratten met artritis (Nature 1974).

Apamine heeft een MG van 2.036 en is vertegenwoordigt in een verhouding van 2 tot 3% van de totale gifmassa. Het is ontstekingsremmend, neurotoxisch en het prikkelt het centrale zenuwstelsel.
Samengevat: Apamine blokkeert Ca2+ afhankelijke K+ kanalen, verbetert de lange termijn synaptische transmissie, verkort de duur van het actiepotentieel van een zenuw.

Peptide 401 (of MCD peptide ofwel verticale cel dekristalliserend peptide dat histamine vrijmaakt in de mastocyten) vertegenwoordigt ook 2 tot 3% van de totale gifmassa. Met een MG van 2.588 is het uiterst ontstekingsremmend.

Adolapine (1% van de gifmassa, met een MG van 11.500) is ontstekingsremmend, koortsremmend en is een neurotransmitter met een pijnstillend effect.

Bijengif bevat ook enzymen, waaronder Phospholipase A2 (met een MG van 19.000, het representeert 10 tot 12% van de totale gifmassa), dat samen met hyaluronidase het weefsels beter doordringbaar maakt. Het maakt de verbindingen tussen cellen losser, waardoor het weefsel of de extracellulaire ruimte beter doordringbaar wordt. Dit zorgt ervoor dat de geneeskrachtige stoffen makkelijker de beschadigde cellen kunnen binnendringen en dat giftige- en afvalstoffen makkelijker afgevoerd kunnen worden. Dit is bijzonder belangrijk bij reumatische problemen. Het hyaluronidase is een krachtig allergeen. Meer dan de helft van de bijengif-allergische patiënten ondervindt daadwerkelijk een sterke IgE-reactie als gevolg van dit bestanddeel.

Verticale cel dekristalliserend Peptide veroorzaakt het vrijkomen van histamine dat ontstekingsverschijnselen veroorzaakt. Het is, voor zover bekend, het meest krachtige aanvalopwekkend middel als het geïnjecteerd wordt in de hersenen (niet hersenoverstijgend). Tevens vergroot het het korte termijngeheugen bij ratten (Maze test).

Tot slot, Catecholamines (in het bijzonder Noradrenaline), Dopamine en Histamine zijn de actieve aminen van bijengif. Desondanks zouden de ontstekingsremmende eigenschappen van Apamine (de toename van Cortisolemia) gericht tegen Histamine, kunnen verklaren waarom een individu zich snel beter voelt vlak na de beet. Dopamine is een neurotransmitter die de motorische functie vergroot. Het is onvoldoende aanwezig bij patiënten die lijden aan de ziekte van Parkinson en excessief aanwezig bij psychotische patiënten die behandeld worden met neuroleptische medicijnen. Dopamine, samen met Serotonine en andere Catecholamines, worden aangeduid als factoren bij grote depressie.

Bijengif bevat ook Fosfolipides, naar verhouding 4 tot 5%. De koolhydraten representeren minder dan 2% van het gewicht.

 

4/ WERKING VAN BIJENGIF

CORTISONACHTIGE EN IMMUNOSTIMULERENDE WERKING VAN BIJENGIF

Bij dieren lijkt bijengif, en meer in het bijzonder Mellitine, indirect het vrijkomen van Cortisol te veroorzaken. Cortisol is de belangrijkste natuurlijke ontstekingsremmende Corticosteroide. Om precies te zijn, Mellitine verhoogt de ACTH productie door de Hypofyse. Dit hormoon komt in de bijnier terecht waar het de productie van Cortisol stimuleert.

Het immuunsysteem is niet alleen de grootste natuurlijke hindernis die het menselijk lichaam beschermt tegen het binnendringen van vreemde micro-organismen, maar het is ook betrokken bij het herstel van weefsel in het geval van verwonding, ongeacht van de aard. Bijengif gedraagt zich als een antigen (dat is een structureel vreemde substantie) zodra het bij een organisme binnendringt, waar het sommigen van de vitale functies kan beïnvloeden.

Het organisme reageert vervolgens door het mobiliseren van alle afweermechanismen (het immuunsysteem) tegen deze agressor. We spreken dan van immunomodulatie met een immunostimulatie, wat een beetje lijkt op een vaccinatie. Onder andere dit complexe mechanisme werkt als een lokaas dat er voor zorgt dat het immuunsysteem zich naar buiten oriënteert. Dit zou aan de basis moeten liggen van bepaalde therapeutische eigenschappen van bijengif. In ieder geval, wordt er melding gemaakt van de immunostimulerende werking van bijengif bij dieren.

Door middel van andere mechanismen heeft bijengif een beschermende werking tegen straling en is het meest spectaculaire effect van bijengif analgesie (vermindering van de gevoeligheid voor pijn). Dit effect draagt in gelijke mate bij aan de ontstekingsremmende eigenschappen van zowel bijengif als cortisol, waarvan de productie in de bijnieren door bijengif wordt gestimuleerd. De regeling van de macrofage functie (verantwoordelijk voor de productie van witte cellen) zou ook de vermindering van ontstekingen en gelijktijdig die van pijn kunnen verklaren.

ALGEMENE THERAPEUTISCHE EIGENSCHAPPEN VAN BIJENGIF

De resultaten van experimentele behandelingen tonen aan dat bijengif een krachtige biologische werking heeft en daarom in meerdere opzichten een heilzame werking op het lichaam heeft. Bijengif, en in het bijzonder het meest actieve deel mellitine, heeft een sterke invloed op het zenuwstelsel omdat het de zenuw-toestroom-overdracht blokkeert. Het pept ook de hypofyse-bijnier-spil op, om op die manier het afweermechanisme van het lichaam te activeren. In een geneeskrachtige dosis, gaat het kramp-verschijnselen tegen, verlaagt het de druk op de slagaderen en stimuleert het vaatverwijding, in hoofdzaak van de haarvaten van de hersenen. Maar bovenal remt het de ontstekingsreactie en vermindert het de pijn-waarneming. Cardiotonisch is bijengif een krachtig coaguleringsmiddel (bloedstoller) en een actief immunologisch middel. Als zodanig vertrouwen geneeskundigen op het therapeutisch gebruik van bijengif voor het tegengaan van pijn en ontstekingen die samenhangen met bepaalde aandoeningen zoals artritis, myalgie (spierreumatiek), intercostrale neuralgie en pijnlijke littekens.

De werking van bijengif bewijst van grote waarde te zijn voor het bestrijden van slagaderlijke hypertensie (hoge bloeddruk) en huidziekten (zoals eczeem en psoriasis). Uiteindelijk is de invloed van bijengif op de hersenen geherwaardeerd ten aanzien van hoofdpijn-behandeling alsmede voor de behandeling van het syndroom van Ménière. Goede resultaten worden ook behaald bij de behandeling van multiple sclerosis. Met name in de verenigde staten waar bijengif-therapie sterk ontwikkeld is (tussen de 40.000 en de 60.000 patiënten worden jaarlijks behandeld met bijengif). Daarbij dient vermeld te worden dat er tot op heden (november 2000) geen enkel sterfgeval heeft plaatsgevonden als gevolg van bijensteken toegediend in een therapeutisch kader.

ONTSTEKINGSREMMENDE WERKING VAN BIJENGIF

De ontstekingsremmende werking van bijengif manifesteert zich op verschillende niveaus. Ten eerste werkt het indirect in op de hypofyse-bijnier-spil. Om precies te zijn, Mellitine en Apamine, dat zijn de proteïne componenten van bijengif, zorgen er samen voor dat (bij dieren) de hypofyse het ACTH-hormoon gaat afscheiden. Dit hormoon stimuleert de bijnieren om cortisol te produceren. Dit is het belangrijkste ontstekingsremmende corticosteroide. Apamine en mellitine hebben waarschijnlijk niet als enige deze werking want een ander proteïne, peptide 401, heeft ook een sterk ontstekingremmend effect doordat het de omzetting van bepaalde lipides (de cascade van arachidonisch zuur) in Prostaglandine verhinderd. Dit zijn de mediators van ontsteking en pijn. Bepaalde vrije radicalen zouden ook betrokken zijn bij de ontstekingsreacties. Recente wetenschappelijke werken hebben aangetoond dat bijengif het vermogen heeft om vrije radicalen op te nemen en op die manier een anti-oxiderende werking met ontstekingsremmend effect te suggereren. Het verhindert ook de werking van enzymen als cyclo-oxygenase en lipo-oxygenase.

 

5/ BIJENSTEEK-THERAPIE IS TOEPASBAAR BIJ VELERLEI KLACHTEN

De resultaten van diverse behandelingen tonen aan dat bijengif een krachtige biologische werking heeft en daarom in meerdere opzichten een heilzame werking op het lichaam heeft, bij diverse aandoeningen, waaronder:

carcio-vasculair:
hypertensie, hypotensie, hartritmestoornissen, endarteriitis (ontsteking van de binnenwand van de slagaders), atherosclerose

pulmonair:
astma, chronische obstructieve pulmonaire aandoeningen, emphyseem

neurologisch:
multiple sclerose, chronische pijn, facialisverlamming, syndroom van Guillain-Barré, dropvoet, neuritis, ischialgie, diabetische neuropathie, carpaal tunnel syndroom, epilepsie

dermatolgisch:
eczeem, topische ulcers, huidtumoren, psoriasis, likdoorns

immunologisch:
scleroderma, lupus erythematodes, endarteriitis obliterans

infectieus:
herpes zoster, wratten, chronisch vermoeidheidssyndroom

reumatologisch:
reuma, trauma’s, nek- en rugpijnen, osteo-arthritis, jicht, bursitis, tendinitis, myalgie, fibromyalgie, Dupuytren contractuur, littekens

 

6/ BIJENSTEEK-THERAPIE WORDT AFGERADEN BIJ

Insuline-afhankelijkheid (diabetes), insufficiëntie van hart, longen en nieren, gebruik van Bètablokkers (hoge bloeddruk), hyperthyreoidie, diabetes, levercirrhose, hypofunctie van de bijnieren, zwangerschap, overgevoeligheid voor bijen, longtuberculose, gonorrhoea, syfilis

 

7/ RISICO’S VAN BIJENGIF-THERAPIE

Waarschuwing: Begin zelf nooit met de bijengif-therapie aangezien er een zeer ernstige allergische reactie kan optreden die fatale gevolgen kan hebben!

Allereerst is het erg belangrijk om door middel van een test-bijenprik na te gaan of u namelijk niet allergisch bent voor de bijensteken.

Ook is het belangrijk steeds een zogenaamde EpiPen in de korte nabijheid te hebben. In het geval dat er iets mis zou gaan, kun ik door middel van deze pen een antigif toedienen zodat een heftige allergische reactie achterwege blijft.

Als u begint met bijengif-therapie kan u wel wat ongemak krijgen van de bijensteken. U kunt griepachtige verschijnselen krijgen, koorts, spierpijnen, nachtzweet, misselijkheid, diarree, krampen, moeilijkheden met slapen, en u kunt u vermoeid voelen. Deze symptomen zijn allen tijdelijk en zullen na verloop van enkele behandelsessies in zijn geheel verdwijnen. Overigens hebben niet alle mensen last van deze symptomen. Zelfs een aantal hiervan krijgen in het geheel geen van voornoemde symptomen. Ook kan het gebeuren dat er jeuk en locale tot uitgebreide zwellingen ontstaan, alsmede blaren, een beetje te vergelijken met de symptomen van netelroos. Deze symptomen kunnen over het gehele lichaam optreden, zijn echter niet levensbedreigend en zullen vanzelf voorbijgaan met het herhaald plaatsen van bijensteken (minstens 6 weken volhouden).

Bovenstaande risico's kan u misschien afschrikken om te beginnen met deze therapie, maar in de meeste gevallen blijken de risico's minder op te wegen tegen de grote positieve lichamelijke veranderingen die ze teweeg brengt.

Samengevat: de volgende reacties kunnen optreden:
een acute plaatselijke reactie (witte bobbels).
een acute algemene reactie (overgevoeligheidsreactie: luchtwegen, opgezwollen gezicht, benauwdheid en mogelijk bewusteloosheid)
een late plaatselijke reactie (ontstekingsreactie)
een late algemene reactie (grieperig, hoofdpijn)

 

8/ VERLOOP VAN EEN BEHANDELING

Allereerst wordt er een allergietest gedaan door middel van een kortstondig bijenprikje.

Later wordt de bij op een bepaalde plaats op het lichaam geplaatst en vriendelijk op het achterlijf gedrukt tot ze steekt. Daarna wordt ze weggehaald, terwijl de angel in het lichaam blijft zitten. Zo kan de gifzak zich leegpompen gedurende een periode van een fractie van een seconde tot 20 minuten. De angel heeft inderdaad een zichzelf leegpompende gifzak.

Dit wordt op dat moment herhaald tot u de nodige hoeveelheid steken heeft gekregen. Daarna zal de hele sessie om de zoveel dagen herhaald worden, met meestal steeds meer bijenprikken.

De hoeveelheid bijenprikken is afhankelijk van uw soort ziekte en uw lichamelijke conditie.

Om te bepalen waar de steken worden geplaatst, wordt er gekeken naar de soort ziekte. Daarnaast zal ook een rol spelen:
ligging van pezen
triggerpoints
acupunctuurpunten
locus dolendi (de plaats waar de pijn zit)
segmentaal (waar de zenuwen naast de wervelkolom uittreden)

Om de pijnlijkheid van de steek en de zwelling eventueel te verminderen kan de plaats waar de steek gezet zal worden voorbehandeld worden met ijs.

 

«» Start « » Behandel-centrum « » Sauna-centrum « » Zonne-centrum «»